Bijgewerkt
1 Oktober 2009
Piper Cub

Maar natuurlijk is reizen ook vervelend, kostbaar en vermoeiend. Hoe formuleerde die jolige Fransman het ook alweer? *Les voyages forment l’esprit mais déforment les valises* - Je koffers krijgen er inderdaad een behoorlijke deuk van! Dergelijke en andere bespiegelingen daalden neer in jouw verzwakte brein, terwijl Marthe en jij naar het vliegveld van Casablanca strompelden. Het was een hete dag. Toen jullie voor het vliegtuigje stonden dat jelui naar Tanger terug zou brengen, bekroop jou een vreselijke angst. Die roestige, oude kist, waarvan de vleugels je fragieler leken dan die van een libelle. Die trillende romp die je deed denken aan een geslagen hond. Dat stuk wrak zou jullie veilig en wel thuisbrengen?
Gij, lieve Hyronymus Bosch uit ’s-Hertogenbosch, Gij die ook niet van reizen hield, vanuit onze aloude Peperstraat, ontferm U over mij!
- Ik, in die rammelende kist stappen, hoorde je jezelf uitroepen, jamais de la vie! Geen sprake van! Een piepklein chipje in de hersenen stelt zich in werking en pats boem het is die eerdere ervaring die plotsklaps de boventoon voert.
Dan wordt er een zwarte kous over je hoofd getrokken en slaan de herinnering en de paniek toe!

In Tanger woonde een Engelse arts, wiens naam en leeftijd je volkomen kwijt bent. Zelfs zijn gezicht kun je je niet meer voor de geest halen. Een vage vriend van Maurice of zo.
Aan het eind van een middag bevonden jullie je in een of andere kroeg, waarvan er zoveel waren in Tanger. Mensen schuifelen zo nu en dan binnen, duwen langzaam het bamboe gordijn opzij, bestellen aan de bar een vlugge versnapering. Ze groeten de omringenden en verdwijnen weer bijna even geruisloos als ze gekomen zijn.
Die arts nu, een jonge vent nog, (wat deed hij hier eigenlijk? vroeg je je af) bood jou een glas witte wijn aan en, al staande en wat pratend, aten jullie er ’n paar tapas bij.
- Houdt U eigenlijk van vliegen? vroeg hij je na enige tijd.
Een tweede koele glas wijn en zowat vier-en-veertig tapas verder vertelde hij je dat zijn grootste hobby het stuntvliegen was.Na het derde glas waren jullie dikke maatjes,schudden jullie elkaars hand langdurig en zegde je hem toe de volgende dag een beetje mee te gaan stunten. VOOR DE GEZELLIGHEID hield je jezelf voor.
Marthe vond het maar niks. Misschien was het allemaal ook wel een beetje voorbarig geweest, Maar ach, je had wel voor hetere vuren gestaan.
Tenslotte was je al op zeer jeugdige leeftijd wees geworden
– Was je opgegroeid in de schaduw van een reus
– Had je de nonnen en de hongerwinter overleefd
– Had je de kogels van Engelse spitfires om je oren horen fluiten
– Was je op een haar na door een dolle hond verzwolgen geweest en had je een levensmoede vrouw ervan weten te weerhouden van haar balkon te springen.
Dit zou je waarachtig ook wel weer overleven! Bovendien heb je zo je eigen codes en ben je van mening dat eenieder zich aan zijn woord dient te houden.
Het vliegveld van Tanger lag op ongeveer 9 km buiten de stad.
Er heerste een drukte van jewelste, want niet alleen landden er verschillende maatschappijen, er werd bovendien nog veelvuldig gebruik gemaakt van privé- en sportvliegtuigjes. Op naar het vliegveld dus. Jullie arriveerden er in een spierwitte, vooroorlogse Buick met zwartlinnen kap. Dat alleen al vond je een gewaarwording, maar natuurlijk hield je je groot. Toen je bij de ANWB gewerkt had, was je of op eigen gelegenheid naar het vliegved gegaan, of was je vlug vlug ergens neergekwakt gelijk een postpakketje en dat meestal door een vriendje in een of andere roestige kar ..
Langzaam en statig stapte je dus uit de convertible. Met iets meer elan klom je enkele minuten later het wachtende, ronkende vliegtuigje in, dat trilde, NIET JIJ..
Werd je scherp in de gaten gehouden door je Engelse begeleider, je zou het niet meer weten. Zo’n waaghals kom je niet elke dag tegen, zal hij wel gedacht hebben.
Toen jullie opstegen, zag je dat de *Djenné*, dezelfde passagiersboot als die waarmee je naar Tanger was gekomen, in de haven aangemeerd lag. Jullie vlogen er in een cirkel overheen en nu waren er zelfs mensen die zwaaiden. Zo mocht je in Nederland niet vliegen en omdat je wel van een uitdaging houdt, grapte je:
- Doe het nog ‘ns!
Dat deed hij, na eerst een superbe looping uitgevoerd te hebben. De hele inhoud van je maag schoot je door de keel.
Een tweede looping volgde en het overgeven was niet meer te stuiten. Alles wat je diezelfde dag tot je genomen had kwam met onvermoede kracht in en weer uit je mond gespoten en je voelde je ziek ziek en nog eens ziek.
- Hou er maar liever mee op! schreeuwde je, ik voel me niet zo lekker! Zonder je zelfs maar een blik waardig te keuren, scheen hij nu pas goed op dreef te komen. Een vrille en hup, daar scheerden jullie zowat over het dek van de *Djenné* heen. En die mensen maar wuiven, nu met hun zakdoeken.
- Hou toch op man! bleef je roepen. Op het laatst probeerde je het maar niet meer, want hij scheen er een sadistisch genoegen in te scheppen door te gaan.
Je gelooft dat je twee, wie weet misschien wel drie whiskies achter elkaar gedronken hebt toen je eindelijk weer de begane grond onder je voeten voelde.
Nooit meer, dacht je, toen je in een roes terugsuisde naar de stad. Volkomen verdwaasd en in de war..

- Moi, monter dans cette vieille casserolle? Nou, vergeet het maar! riep je nogmaals uit, op dat vliegveld in Casablanca, en en maakte rechtsomkeert. - Nou, daar krijg je vast nog spijt van, wuifde Marthe, die als het ware al in het toestel zat.
Zoals DIE van vliegen hield!
- Ik neem de trein wel, wierp je nog terug.
En weg taxiede dat roestige kreng.
Heel laat laat diezelfde avond kwam je in Tanger aan, want je had veel oponthoud gehad. Een paar dagen eerder waren her en der aanslagen gepleegd en waren bommen tussen de rails gevonden.
Zodoende reed de trein kilometers lang stapvoets.

Op het staionnetje van Tanger stond Marthe je op te wachten.
Ze had een heerlijke werkdag achter de rug, daarna een verrukkelijk bad genomen, zalig gedineerd en zag er stralend uit.
- Nou, dat was eens maar nooit meer, gaf je toe, meer dood dan levend de trein uitstrompelend. Maar de trein heb je in je leven nog vele malen genomen.

© Marie-Josť VAN DEN HOUT

Free counter and web stats